Wijziging Duurzame inzetbaarheid: nieuwe aanvraagtijdvakken

De Subsidieregeling ESF 2014-2020 (ESF) is gewijzigd in verband met nieuwe aanvraagtijdvakken voor duurzame inzetbaarheid bedrijven/instellingen.

De wijziging bevat de volgende nieuwe aanvraagtijdvakken en bijbehorende subsidieplafonds:

  • duurzame inzetbaarheid bedrijven/instellingen:
    • 25 juni 2018 (9.00 uur) tot en met 29 juni 2018 (17.00 uur), subsidieplafond € 15 miljoen;
    • 12 november 2018 (9.00 uur) tot en met 16 november 2018 (17.00 uur), subsidieplafond € 15 miljoen; en
    • 8 april 2019 (9.00 uur) tot en met 12 april 2019 (17.00 uur), subsidieplafond € 15 miljoen.

Behalve de nieuwe aanvraagtijdvakken is de ESF-regeling ook gewijzigd met het doel een aantal subsidievoorwaarden te verduidelijken, aan te scherpen en te vereenvoudigen. Hieronder een toelichting op de meest in het oog springende wijzigingen.

Duurzame inzetbaarheid bedrijven/instellingen
In tegenstelling tot voorgaande jaren is er bij dit onderdeel dus sprake van meerdere kleine aanvraagtijdvakken. Dit moet bijdragen aan een minder grote piek in de uitvoering, en zo de snelheid en de kwaliteit bevorderen waarmee de ingediende aanvragen kunnen worden beoordeeld.

Voor elk van de drie tijdvakken is € 15 miljoen beschikbaar. Dit subsidieplafond is lager dan voorgaande jaren, omdat er binnen een jaar tijd meerdere aanvraagtijdvakken worden opengesteld. Waar in eerdere jaren het subsidieplafond verhoogd is gedurende de aanvraagtijdvakken, ligt dat gezien de gefaseerde openstelling nu niet meer voor de hand.

Indien een subsidieplafond wordt overschreden, worden aanvragen voortaan behandeld op een door loting bepaalde volgorde. De volgorde van afhandeling wordt dus niet langer bepaald op basis van het moment van indiening. Hierdoor moet de druk op aanvragers wegvallen om direct na het openen van het aanvraagtijdvak een aanvraag in te dienen. Daarnaast moet ook overbelasting van Uitvoering van Beleid (UVB) worden voorkomen.

Een aanvrager dient in de nieuwe aanvraagtijdvakken uitsluitend bij het verzoek om vaststelling aan te tonen dat er, op het moment dat de projectactiviteiten werden uitgevoerd, ten minste twee medewerkers in dienst waren.

De adviseur die door de aanvrager wordt ingezet dient aan het referentievereiste te voldoen. Nu is bepaald dat twee verschillende opdrachtgevers als onafhankelijk referent dienen op te treden. Een aanvrager in de nieuwe aanvraagtijdvakken hoeft dus geen drie (zoals bij eerdere aanvraagtijdvakken het geval was), maar twee referenties van de adviseur aan te leveren.

Om te zorgen voor een brede reikwijdte van de subsidieregeling wordt, indien een aanvrager in meer dan één van de drie aanvraagtijdvakken subsidie aanvraagt, er slechts eenmaal subsidie verleend. Wanneer reeds een verleningsbeschikking is afgegeven, worden volgende subsidieaanvragen in andere aanvraagtijdvakken afgewezen.

Het maximale subsidiebedrag is verhoogd tot € 12.500 (voorheen € 10.000). Dit betekent dat het totaalbedrag aan subsidiabele kosten dat kan worden opgevoerd op € 25.000 komt te liggen. Reden hiervoor is dat de ervaring uit voorgaande aanvraagtijdvakken leert dat veel aanvragen en declaraties de vastgestelde maximale hoogte van de subsidiabele kosten overstijgen.